Gerard Reve
© Joost Evers
Het werk van Gerard Reve (1923-2006), vaak omgeven door controverse, behoort zonder twijfel tot het meest waardevolle dat de Nederlandse literatuur heeft voortgebracht. Zijn prozadebuut 'De Avonden' (1947) wordt door velen gezien als de belangrijkste Nederlandse roman van de twintigste eeuw. Reves indrukwekkende oeuvre werd onder andere bekroond met de P.C. Hooftprijs en de Prijs der Nederlandse Letteren. Volgens sommige critici toont Reves meesterschap zich het best in de vele briefwisselingen die hij voerde, onder meer met zijn uitgever Bert de Groot.
Moedig Voorwaarts
Gerard Reve heeft vele uitgevers gehad en talrijke kleine en grote conflicten met hen uitgevochten. De langdurigste en beste relatie had Reve met Bert de Groot, eerst bij Elsevier en later bij uitgeverij L.J. Veen.
De brieven van Gerard Reve aan Bert de Groot beginnen zakelijk, maar krijgen steeds meer een vriendschappelijk karakter; vandaar ook dat vele brieven zowel aan zijn uitgever als aan diens vrouw werden gericht. De schrijver deed zijn best om de uitgever te vermaken, hetgeen onder andere leidde tot een drietal ‘reisbrieven’ die hilarische hoogtepunten zijn in 'Moedig Voorwaarts': een verslag van een bezoek aan collega-schrijver Etienne Leroux in Zuid-Afrika, een bericht over filmopnamen in Lourdes en een brief over een signeerbezoek aan Groningen. Bovenal toont het boek hoe serieus Reve zijn werk nam, ook in zijn bemoeienis met de vormgeving en in het afdwingen van een zo hoog mogelijke beloning.
'Moedig Voorwaarts' bevat uniek fotomateriaal. De brieven werden bezorgd en van commentaar voorzien door literatuurhistoricus Nop Maas.